Skip to main content
P+ Logo
Best Practices voor een duurzame toekomst
05 juni 2008

Prinses Amalia windpark nieuwe naam WP Q7

De meeste wieken van de tachtig meter hoge turbines steken in de mist. Windstil weer, iets wat slechts twee, drie dagen per jaar op dit deel van de Noordzee voorkomt. Want de 60 Vestas 2MW windturbines, die elk 550 meter uit elkaar staan, moeten natuurlijk wel draaien. Door de bank genomen wekken ze jaarlijks 435 Gigawattuur op, genoeg om een middelgrote stad als Haarlem van stroom te voorzien. Het kabinet heeft deze lokatie, 23 kilometer uit de kust in een waterdiepte van 19 tot 24 meter, alweer acht jaar geleden bewust gekozen. Op deze manier wordt zichthinder vanaf de kust beperkt en zijn de effecten op trekkende vogels minimaal.

Tijdens de officiële opening aan wal ondervroegen TV-presentatoren Karel de Graaff en Menno van Bentveldt ruim een half dozijn betrokkenen. Twee daarvan waren Luc Folkert (Econcern) en Johan van der Gronden (WNF). "Stichting Noordzee heeft eens uitgezocht dat er maar 1,5 procent van de Noordzee nodig is om zesduizend Megawatt op te wekken", betoogt Van der Gronden. Maar juist in dit deel komt de bruinvis wel in grote getale terug. "Tijdens de bouwfase is het natuurlijk luidruchtig onder water. En bruinvissen kunnen direct schade aan hun gehoor oplopen. We hebben vooraf een irritant piepje uitgestuurd om zoogdieren te verjagen", zegt Folkert.

De grootste uitdagingen voor de realisatie van het prinses Amalia windpark waren eerst financieel, dan technisch. Een consortium aan banken en investeerders hoestte via een unieke constructie 380 miljoen euro op. Coordinator Eduard Brinkman, verantwoordelijk voor duurzame energie binnen de Rabobank: "Het was een nogal complex, duur en lastig project waarbij niemand vooraf wist wat de kosten waren. Door vooraf af te spreken wat de prijs zou worden en reservepotjes voor eventuele tegenslagen op te bouwen, spraken al de partijen uiteindelijk het vertrouwen in Q7 uit."

En tegenslagen heeft vroegere Q7, zo genoemd naar de gunning waar het windpark ligt, zeker gehad. Beeldschermen die op zwart gingen toen het transformatorstation online zou moeten gaan. Of de 28,3 kilometer lange verbindingskabel, zeventig kilo per strekkende meter zwaar, die tijdens het leggen wegens metershoge golven gekapt moest worden. En drie weken later met een “kroonsteentje” aan elkaar werd gelast.

Voor Econcern, initiatiefnemer van het prinses Amaliapark, is dit slechts het begin. "Op dit moment zijn wij al een van de grootste spelers op dit gebied en aktief in zes landen", zegt Dennis Lange, directeur van Evelop, de windprojectontwikkelaar. "Na 2012 zal wind werkelijk een grote vlucht nemen. Vier tot vijf Megawatt grote turbines worden nu al getest. De sterkte en het gewicht van de bladen zal doorslaggevend zijn. En de beschikbaarheid van het materiaal en de aannemers. Daarom hebben we met Van Oord afgesproken vier parken ineens te doen." Lange verwacht dat de markt tot 2012 drie tot vier miljard euro gaat bedragen en in de periode daarna een veelvoud daarvan.P+ webtip: Windmolenpark Amalia

Wil je ook onze gedrukte Marktboeken over een duurzame toekomst ontvangen?
Abonneer je dan hier