Skip to main content
P+ Logo
Best Practices voor een duurzame toekomst
27 februari 2010

Karen Maas meet rendement van MVO

Het is een dilemma. Bedrijven kunnen een goed gevoel overhouden van het investeren in MVO en goede doelen, maar als ze het maatschappelijk rendement niet kunnen becijferen, is het moeilijk de werkelijke waarde van die inspanningen te bepalen.

Maas daarover in de nieuwe P+: “Je hebt een input waarmee je activiteiten onderneemt die leiden tot output. Maar wat is het effect van de output? Bedrijven stoppen meestal bij de output, maar je moet aan de maatschappij of aan de klant vragen: wat heeft onze acties voor jou betekend? Bedrijven gebruiken nauwelijks meetmethoden om de impact van hun MVO-acitiviteiten in kaart te brengen.”

Verklaarbaar? De lastige kant van de goede meetmethodes vindt Maas dat ze niet meer dan stappenplannen zijn. “Je moet je stakeholders ondervragen, maar hoe weeg je die impact op de stakeholders als ze allemaal wat anders zeggen? Daar zijn wel systemen voor. Beter is een meetmethode op maat waarin de indicatoren, stakeholders en interpretatie verwerkt zitten. Dat zal per bedrijf verschillend zijn. Ik geloof niet in generieke systemen. Zelfs het Global Reporting Initiative (GRI) heeft indicatoren die bedrijven helemaal zelf interpreteren.”

Als het om filantropie-uitgaven gaat, investeringen in welfare, dan meet 70 procent van de bedrijven in de VS niet wat ermee gebeurt. Van de bedrijven die op de Dow Jones Sustainable Index staan, meet 70 procent wel. Wat een zonde, vindt Maas. “We gaan nu alle Nederlandse bedrijven op de Sustainable Index onder de loep nemen en onderzoeken wat ze meten en hoe ze dat meten.”

P+ webtip: Karen Maas in P+

Wil je ook onze gedrukte Marktboeken over een duurzame toekomst ontvangen?
Abonneer je dan hier