13 Jun 2012

Denemarken gaat olie- en gasketels verbieden

Deense vlag

Na 2013 geen op olie of gas gestookte HR-ketel meer in nieuwe gebouwen. Met die maatregel blijft Denemarken koploper als duurzaam energieland.

Klaas de Jong kan het niet nalaten. De adviseur duurzame energie van Essent maakt na de verloren EK-wedstrijd tegen de Denen nog even wat andere vergelijkingen. De Jong vond de Denen op de grasmat geen overtuigende winnaars, maar bij duurzame energie “hebben de Denen zo’n grote voorsprong dat je niet meer van een wedstrijd kunt spreken.” De Jong is een van de stuwende krachten achter het Warmtenetwerk Nederland, dat op presentaties jaloersmakende infographics over Denemarken laat zien. Op de bijeenkomst P+ Live@Night zagen we hoe Denemarken er dertig jaar geleden uitzag zoals Nederland er nu nog uitziet. Een land met een paar grote energiecentrales, die voor elektriciteit zorgen. Nu ziet Denemarken inmiddels groen van de plaatsen die aangeven waar lokaal energie wordt opgewekt.

We citeren de column van Klaas de Jong: “Nu al is het aandeel duurzaam in Denemarken groter dan het doel van Nederland voor 2020. En terwijl wij ons ernstig afvragen hoe we van 4 procent ooit naar 14 procent in 2020 komen, hebben de Denen de lat voor 2020 nog eens hoger gelegd dan de afspraak met Brussel. De Deense volksvertegenwoordiging heeft een programma goedgekeurd, waarin een aandeel van 35 procent duurzaam in 2020 staat.

Deze ambitie is alleen met forse ingrepen te realiseren. Het meest opmerkelijke voor ons is een verbod op de plaatsing van olie- en gasketels in nieuwe gebouwen vanaf 2013. In bestaande gebouwen mag een gasketel nog wel, maar leveranciers van olieketels moeten hun zaak sluiten of overgaan op houtketels en warmtepompen.

Voor de warmtevoorziening mikt Denemarken vooral op uitbreiding van warmtenetten. De productie van warmte voor deze netten verandert ook. Er komt een stimuleringsprogramma voor de opwekking van biogas. Warmtekrachtinstallaties (WKK) voor de warmtenetten schakelen over van aardgas op biogas. De grote centrales moeten overschakelen op biomassa.

De elektriciteitsproductie moet in Denemarken in 2020 voor de helft uit windenergie afkomstig zijn. Denemarken is al een topper op het gebied van wind, maar 50 procent is extreem. Men beseft dat dit ook extreme eisen stelt aan de regelbaarheid van het elektriciteitsnet. Het vermogen van windturbines fluctueert sterk met de windsnelheid. Bij harde wind heeft men nu al overschotten aan elektriciteit. Als export niet mogelijk is, dan schakelt men nu al grote verwarmingselementen in bij warmtenetten. Dat is beter dan windturbines afschakelen.

De omzetting van overschotten aan windenergie in warmte voor warmtenetten neemt verder toe  in Denemarken. Maar uiteraard probeert men ook de fluctuaties in het aanbod aan windenergie zo goed mogelijk op te vangen door het gebruik van elektriciteit af te stemmen op het aanbod. De ontwikkeling van ‘smart grids’ is een van de pijlers van het nieuwe programma naar meer duurzame energie in Denemarken. Hoe die ontwikkeling gestalte gaat krijgen, is voor mij nog niet duidelijk. In elk geval heeft de Deense industrie al eerder bewezen dat afgedwongen energiebesparing door de overheid leidt tot succesvolle nieuwe producten.”

De column van Klaas de Jong