27 Feb 2020

Nyenrode: hanenei in veevoer verwerken

Nog niet uitgebroede haneneieren kunnen het beste vroegtijdig tot veevoer verwerkt worden. Dat voorkomt een slachtpartij van jonge kuikens, omdat haantjes niet bruikbaar zijn in de pluimvee-industrie. Dat zegt programmadirecteur Henk Kievit van de Nyenrode Business Universiteit in een gesprek over de dit jaar opgestarte MBA-opleiding 'Business & Sustainable Transitions'. In dit executive modulaire programma komen ook ethische dilemma’s aan de orde.

Kievit (1971) wordt geportretteerd in de P+ Special van deze week ‘Sleutel naar de toekomst’. Er blijkt een sterke toename te zijn van deelnemers aan dit op duurzaamheid gestoelde onderwijsprogramma, ten opzichte van een eerder MBA-programma.

In Nederland worden naar schatting jaarlijks veertig miljoen eendagskuikens vergast, omdat de haantjes niet bruikbaar zijn in de pluimvee industrie. Wereldwijd zijn het er 300 miljoen. Deze maand werd bekend dat eierverwerker Schaffelaarbos in Barneveld broedeieren met een mannelijk embryo gaat verwerken tot kalvervoer. De eieren worden al op de negende broeddag geselecteerd door het eveneens in Barneveld gevestigde bedrijf Seleggt, met een procedé dat is gebaseerd op een Duitse vinding.

Het vloeibare hanenei wordt gedroogd en verwerkt tot een houdbaar poeder, dat aan producenten van mengvoer, kalvermelk of petfood wordt geleverd. De eischalen worden vermalen tot poeder en ook als goed verteerbaar calcium verkocht voor diervoeders. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft deze diervoeders erkend. 

Om slachting te voorkomen lanceerde Kipster eerder een andere aanpak. Deze duurzame kippenstal broedt alle eieren wel uit, maar gunt de haantjes daarna zeventien weken leven, om pas daarna te verwerken ‘tot stoere vleesproducten’, verkrijgbaar in de Lidl. 

P+ vroeg aan Kievit, opgeleid aan de Wageningen University, welke methode in zijn ogen de meest ethische is. Zijn antwoord: “Ik vind het op zich heel goed dat je die eieren hergebruikt als eiwit. Van eiwit naar eiwit. Dat is al veel beter dan dat je de eieren eerst laat uitbroeden en er dan een soort van slachtpartij van maakt.”

Kievit ziet echter een nog een veel ‘ingewikkelder’ dilemma, dat daarop volgt: “In heel Europa is de kalverindustrie zelf ook een reststroomindustrie. Een vrouwtjeskalf gaat een koe worden. Die produceert melk. Een stiertje niet. In andere landen worden de mannetjeskalveren daarom meteen de nek omgedraaid. Hier in Nederland hebben we gezegd: wij weten hoe we ze moeten opfokken tot rosékalveren, want dat vinden ze in Italië heerlijk. Daar zijn we dus weer zo goed in geworden dat we de hele Veluwe met 1100 kalverhouders hebben vol gezet. We importeren nu zelfs meer dan 800 duizend kalveren uit andere landen. Maar waar blijven de residuen? Die blijven hier. Onze ondernemersgeest en innovatie zit ons soms ook in de weg.”

Het zijn zulke lastige dilemma’s waar het nieuwe executive MBA-programma zich mede op richt. Kievit: ”Wij leren onze deelnemers een sluitende businesscase te maken. Maar ook de moed om tegen de CEO te zeggen: we hebben ook nog een paar andere opties in te prijzen, willen we die duurzame transitie maken.”

Kievit doelt hiermee op de finance module van deze opleiding, wanneer de deelnemers kennis nemen van rekenmethodes van ‘true pricing’ in de ‘nieuwe economie’. “Het leidende handboek van Brealy & Myers over de principes van corporate finance en cost accounting zit in het pakket. Maar ook: wat komt erbij als je de externe effecten van je productie wel gaat meerekenen? Wat kost een kilo avocado’s nu echt? Het wordt als een ontzettend gezond voedsel gezien. Maar dan vergeet je dat avocado’s worden geproduceerd in gebieden waar ze al weinig water hebben. En dat je voor 1 kilo avocado’s tweeduizend liter water nodig hebt. Daar kun je dus vragen bij stellen.”

Meer over dit bijzondere modulaire MBA-programma, bedoeld voor ‘academische doeners’ in leidinggevende functies in bedrijven, in de P+ Special ‘hoe leid ik duurzame transities’.

Een voorbeeld van een prijswinnende Thesis in het MBA-programma 'Public & Private': ‘Controle-obesitas bij de totstandkoming van de jaarrekening?’ door Dauphine Noordanus.