21 Jun 2019

PBL wil dat Rijk nationale belangen formuleert

Ook het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) is in de rol van de Rijksoverheid gedoken, naar aanleiding van het ontwerp Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Bij nationale belangen moet duidelijk zijn wat de inhoudelijke rol van de Rijksoverheid zelf is, zo staat in de publicatie ‘Naar een samenhangende Nationale Omgevingsvisie’. Deze werd vrijgegeven op dezelfde dag dat minister Ollongren de NOVI presenteerde. Eigenlijk vroeg de PBL Ollongren de 'klimaatlaars' aan te trekken, die het ministerie zelf tentoonstelde.

In deze publicatie stelt ook het PBL dat ‘de maatschappelijke opgaven van nu zich manifesteren op lokaal, regionaal, nationaal, Europees en mondiaal niveau. Vaak spelen ze op meerdere schaalniveau’s tegelijk en liggen oplossingen niet in het bereik van één overheid (slaag). Een toenemend aantal maatschappelijke opgaven is alleen op te lossen wanneer gemeenten, provincies, waterschappen en Rijk als één overheid samenwerken.’

Het verdient echter aanbeveling, zo schrijft het PBL, dat de NOVI helder is over de rollen van de verschillende overheden bij de verdere uitwerking. ‘Duidelijk benoemde en goed beredeneerde nationale belangen laten zien wat de inhoudelijke rol van de Rijksoverheid zelf is.’

Het PBL geeft aan dat de Rijksoverheid wanneer dat nodig is een integrale visie moet opstellen. Dat is meer dan plaatselijke ontwikkelingen bij elkaar optellen. Deze ‘voorbeeldfunctie’ is volgens het PBL vooral van belang voor gemeenten om de aanleg van hernieuwbare energiebronnen in de woonwijken af te kunnen stemmen op woningonderhoud en vernieuwing van de riolering. Die momenten zijn afhankelijk van wat er zich aan duurzame (nationale) warmtebronnen aandient. 

De Rijksoverheid zou bij conflicterende belangen, zoals ruimteclaims, duidelijke keuzes kunnen maken tussen strijdige belangen. Het PBL schrijft: ‘Een voorbeeld van de effecten van onvoldoende samenhang is het Kustpact, bedoeld om de waarden van de kust te beschermen. Het Kustpact beperkt zich echter tot de (smalle) kustzone, en legt geen relatie met aangrenzende regio’s. Inmiddels komen er steeds meer plannen voor recreatieve bebouwing langs de Deltawateren, letterlijk naast het Kustpact gelegen, met alle gevolgen van dien voor natuur en open ruimte.’ Kortom: het PBL wil dat het Rijk ‘een samenhangend beeld’ levert.

Het PBL ziet ook graag een duidelijker richting als het gaat om de veenweidegebieden, die nu zelfs sneller verzakken dan de zeespiegel stijgt. 'Deze problematiek omvat meer dan het waterpeil en doet zich op meerdere plaatsen in Nederland voor. Wordt dat louter een kwestie van de regio’s zelf of is er aanvullend nationaal instrumentarium nodig?'

Download van de PBL publicatie ‘Naar een samenhangende Nationale Omgevingsvisie’ (PDF)