23 Oct 2020

Hoe de informele economie Afrika formeel wordt

In Afrikaanse landen als Rwanda is een manier gevonden om de informele economie officieel en controleerbaar te maken. Mondiaal FNV werkt mee aan een programma waarin informele werknemers in de bouw hun in de praktijk opgebouwde kennis kunnen omzetten in een formeel diploma. Bijzonder is het hoge percentage van vrouwen dat op deze manier hun positie op de arbeidsmarkt weet te versterken. Tegelijkertijd ziet Rwanda als land de productiviteit in de bouw sterk stijgen.

Over deze bijzondere oplossing voor een al lang bestaand probleem gaat de P+ Special van deze week: ‘Bouwvaksters gediplomeerd’.

Rwanda is een van de Afrikaanse landen met veel zogenoemde informeel werkenden, mensen zonder diploma die als kleine zelfstandige of als dagloner werken. Uit onderzoeken blijkt dat 94 procent van de Rwandezen in de informele sector werkt, en 53 procent helemaal geen scholing heeft gehad. De bouwnijverheid is de op een na grootste sector, na de landbouw. Bijna 600 duizend mensen werken in de bouw, waarvan ongeveer 10 procent vrouwen. De groeiende werkgelegenheid in het land komt voor 50 procent uit deze sector.

In de P+ Special komen vrouwen aan het woord, die zich via hun vakbond certificeerden. Het levert de vakbondsleden meer werk en meer inkomsten op. Dat geldt ook voor de 50-jarige Jeanne Nyirarwesa, een weduwe wiens echtgenoot tijdens de genocide in 1994 werd vermoord. Met vijf opgroeiende kinderen was de noodzaak om aan de slag te gaan groot. Ze haalde in de afgelopen jaren certificaten voor voegen, metselen, cement mixen en fundering aanleggen. Nyirarwes: “Hierdoor heb ik niet langer moeite om de huur te betalen. Ik heb nu voor het hele gezin een zorgverzekering. En ik heb ik al mijn vijf kinderen naar de middelbare school kunnen sturen. Ook voel ik me zelfverzekerder in mijn werk.”

De vakbond Stecoma begon in 2013 een lobby voor erkenning van wat bouwvakkers proefondervindelijk op de werkvloer hadden geleerd. De overheid had wel oren naar een certificeringsprogramma, omdat al enige tijd banen buiten de landbouw werden gepromoot. Het ontwikkelen van vaardigheden en het vergroten van menselijke kapitaal was een van de prioriteiten in het overheidsbeleid, evenals het formaliseren van de informele sector. 

Na een geslaagde pilot is het programma in 2015 officieel van start gegaan. Met financiële steun van Mondiaal FNV heeft Stecoma sindsdien meer dan tweehonderd vrouwen kunnen certificeren. De Nederlandse vakbond focust op vrouwen omdat zij extra baat hebben bij certificering. Vrouwen in Rwanda lopen tegen het stigma aan van werkgevers die denken dat zij dit werk niet aankunnen. In totaal heeft Stecoma inmiddels meer dan 32 duizend bouwvakkers gecertificeerd. Bouwvakkers kunnen elke paar maanden deelnemen aan een praktijkexamen waarbij specifieke vaardigheden worden getest. Dit duurt ongeveer een week, afhankelijk van het type werk. Als ze slagen, ontvangen ze een officieel certificaat waarmee ze kunnen aantonen over welke vaardigheden ze beschikken. En dat levert meteen meer werk en een hoger loon op.

Met dit programma wordt ook seksuele intimidatie in de bouw bestreden. Meer hierover in de P+ Special ‘Bouwvaksters gediplomeerd’. Gratis downloadbaar op de website van P+.