16 Nov 2021

Verstegen Spices: geen kinderarbeid maar summer school

Verstegen Spices summer school

Ze is gekozen tot MVO manager van het Jaar en behoedde kinderen van Syrische vluchtelingen in Turkije voor kinderarbeid. In plaats daarvan kregen ze een summer school aangeboden, met Engelse les en muziek. Marianne van Keep van Verstegen Spices over haar inzet in dit symbolische jaar 2021, het VN-jaar tegen Kinderarbeid met op 20 november de Dag van de Kinderrechten. “Mijn streven is om kinderarbeid volledig uit te sluiten. Wij ontdekten dat hoe transparanter en korter onze keten is, hoe minder kans op kinderarbeid er is.”

De strijd tegen kinderarbeid is nog steeds hard nodig. Nederland helpt ondernemers daarbij via het Fonds Bestrijding Kinderarbeid (FBK). En dat werkt, want bijvoorbeeld de branche van specerijen heeft The Sustainable Spice Initiative opgezet. 

Armoede is één van de belangrijkste grondoorzaken van kinderarbeid. Soms is het ook cultuur, zoals onder andere in Midden-Amerika, waar werken wordt gezien als een belangrijk onderdeel van het volwassen worden. Of wordt het veroorzaakt door discriminatie van minderheden. Gedurende de coronacrisis steeg het aantal kinderen dat werkt, weet Anne Kempers, projectleider Fonds Bestrijding Kinderarbeid bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). “Door COVID-19 sloten veel fabrieken in ontwikkelingslanden. Kinderen werden vervolgens ingezet om op wat voor een manier dan ook de kost te verdienen voor het gezin." 

Een rapport van de Verenigde Naties toont dat nu circa 160 miljoen kinderen over de hele wereld werken. Tien jaar geleden was dat aantal nog 152 miljoen. 

Marianne van Keep legt zich hier niet bij neer. Zij is Chief Sustainability officer bij Verstegen Spices & Sauces, actief in de branchevereniging van kruiden en specerijen. “Het gaat om kinderen die in plaats van naar school gaan, werken onder slechte omstandigheden.”

De achtste duurzame ontwikkelingsdoelstelling (SDG 8) van de Verenigde Naties stelt dat alle vormen van kinderarbeid moeten zijn uitgebannen in 2025. Nederland heeft hierin een voortrekkersrol. Zo is de Wet Zorgplicht Kinderarbeid in de maak. Nederlandse bedrijven worden verplicht om onderzoek te doen naar mogelijke kinderarbeid in hun productieketen en de oorzaak aan te pakken. “Dat is meteen het lastige”, erkent Kempers. Want wat is de verantwoordelijkheid van een bedrijf en waar houdt het op? Kempers: “Samen met ketenpartners of andere bedrijven kun je wel een grotere vuist maken.” 

Dat vindt ook MVO manager Van Keep. “Het echt constateren of er kinderarbeid is en daar vervolgens iets aan doen, overstijgt je mogelijkheden als individuele onderneming vaak. Het is iets dat je samen moet doen. Nu kennen wij bij Verstegen onze leveranciers. Wij ontdekten dat hoe transparanter en korter onze keten is, hoe minder kans op kinderarbeid er is. Dat is de belangrijkste tool die wij gebruiken om kinderarbeid te bestrijden. Dat neemt niet weg: ook al heb je geen directe verantwoordelijkheid, je hebt altijd invloed. Gebruik die invloed. In de kruiden- en specerijenbranche sloegen we daarom de handen ineen.”

Hoe onderzoekt een bedrijf het risico op kinderarbeid in zijn keten? Hier staan ze niet alleen voor. Het Fonds Bestrijding Kinderarbeid  van RVO helpt met onderzoek. Is het een risicoproduct qua land, gebied en sector? Wie zijn de leveranciers? Wordt er kinderarbeid geconstateerd, dan biedt RVO subsidie om maatregelen te treffen en ‘due diligence’ beleid in het eigen bedrijf aan te passen. De aanpak gebeurt veelal samen met niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) en lokale leveranciers.

Kempers: “Nederlandse ngo’s hebben lokale partners in de landen. Zij kennen het gebied, de taal, de cultuur. Ze kijken mee met hoe groot de omvang van de kinderarbeid is, wat de oorzaak is en wat een oplossing is. Samenwerking is hiervoor nodig.” De aanvrager moet overigens tijd, capaciteit en geld hebben; RVO subsidieert 70 procent. 

Voor de specerijenbranche was RVO de basis voor alles wat ze bereikt hebben. Van Keep: “Als je gaat samenwerken met concullega’s moet je daarvoor een niet-competitief platform hebben. Het Fonds Bestrijding Kinderarbeid maakte dat er een legitieme en onpartijdige basis was om aan de slag te gaan. Ook bood het fonds een manier om informatie uit andere landen boven water te krijgen. Zo bleek dat in Zweden tegelijk met ons een onderzoek werd gedaan. Hoe interessant is het om dat te delen.” 

Zo lieten Verstegen met andere bedrijven door Fonds Bestrijding Kinderarbeid onderzoek doen naar een specerij dat zij kopen in Turkije.  Ze kozen voor Turkije, omdat zij verwachtten dat daar problemen konden zijn door de aanwezigheid van Syrische vluchtelingen. Van Keep: “Onze leveranciers bleken voor een groot gedeelte precies te weten waar de producten vandaan komen. Maar een klein deel kopen ze in op de open markt en daarvan zijn ze niet zeker. Dat deel komt vaak van plekken waar seizoenarbeiders zijn. En waar seizoenarbeiders zijn, is vaak sprake van misstanden. Dit was een eyeopener voor de branche.” 

Vervolgens zette Van Keep kinderarbeid op de kaart bij The Sustainable Spice Initiative, de internationale club van specerijbedrijven die zich richten op het verduurzamen van hun keten. Die sloten zich op hun beurt aan bij Harvesting The Future (hierbij zijn ook multinationals en andere branches als katoen en hazelnoot aangesloten). Samen keken ze hoe ze in Turkije de seizoenarbeiders kunnen helpen in het verbeteren van hun arbeidsomstandigheden. Dit resulteerde in het aanbieden van scholingsmogelijkheden voor hun kinderen. Afgelopen zomer financierden ze summer schools, specifiek voor kinderen van vluchtelingen.

Het oogsten van producten gebeurt vaak tijdens vakanties. Dat wij in Nederland lange zomervakantie en in de herfst een korte vakantie hebben, stamt nog uit de tijd dat ook onze overgrootouders meehielpen op het land. De summer school is inclusief lunch. Dan wordt het aantrekkelijk voor de ouders om kinderen niet mee te nemen het land op, maar naar school te laten gaan. Tweehonderd kinderen leerden zes weken Engels, muziek en andere vakken. Vijfenhalve dag per week.

Samen met anderen op zo’n concrete manier iets doen tegen kinderarbeid kost tijd. Ook zijn er dingen die relatief simpel te borgen zijn in de organisatie. Door het op te nemen in de inkoopvoorwaarden bijvoorbeeld. Van Keep: “In elk gesprek met een leverancier kan het op de agenda staan. Vaak gaat het over bewustwording. Maak het bespreekbaar. Als je het niet hebt over kinderarbeid, bestaat het niet.”  

Mede door deze inspanningen werd Van Keep op het Nationale Sustainability Congres tot MVO manager van het jaar gekozen. Ook genomineerd waren Wineke Haagsma (Director Corporate Sustainability, PwC Nederland en EMEA) en Robert Metzke (Global Head Sustainability, Philips).

Meer weten? Op de website van RVO  leest u alles over het onderzoeken en bestrijden van kinderarbeid in uw keten.  

Auteur: Sandra de Haas.