30 Jun 2020

Een businessmodel tegen racisme

Businessmodel tegen racisme

Een duurzaam businessmodel waar geen dollar of euro aan te pas komt. De waarde wordt bepaald door een maatschappij zonder racisme. “Omdat wij in de States de ernstigste onrust sinds de mensenrechtenbeweging in de jaren zestig meemaken.” Daarmee gaf de Amerikaanse hoogleraar Rick Edgeman een heel actueel voorproefje op de digitale wereldconferentie over New Business Models NBM2020, in een pre-conference presentatie, die al twee dagen voor de officiële opening op internet te bekijken was. En nog steeds. Een bijzonder en uniek voorproefje.

Het businessmodel van Edgeman wil het beleid van politie beter afstemmen op de verwachtingen van burgers ten aanzien van gelijkwaardigheid en zekerheid van bestaan. Hij signaleert nu dat zwarte Amerikanen niet gelijkwaardig zijn als het gaat om de toegang tot gezondheidszorg, goede opleidingen, werkgelegenheid en toegang tot financiële hulpmiddelen, zoals bankleningen. De waardecreatie is dan ook niet een financiële, maar een sociaal-maatschappelijke. Edgeman ontwikkelde een model waarin een samenwerking tussen burgers, politie en autoriteiten wordt opgebouwd. Het hoogste doel is dan ook ‘Justice Assessment’, oftewel ‘Beoordeling van Justitie’. 

De hoogleraar management aan de Fort Hays State University in Kansas ziet drie wegen die naar het beoogde doel leiden, vanuit drie verschillende probleemstellingen. 

Ten eerste zal er gewerkt moeten worden aan een toenemende ‘distributie’ van rechtvaardigheid. Nu bestaat in de VS -maar ook hier in Nederland- een wijdverspreid gevoel dat politieoptreden onvoorspelbaar is, systematisch vertekend ook. Dit leidt tot een ongelijkwaardige behandeling van zwarte bevolkingsgroepen. Edgeman pleit voor beleidsvorming op lokaal niveau, met betrokkenheid van de gemeenschappen, totdat het politieoptreden wel als consistent en eerlijk ervaren wordt.

Tegelijkertijd moeten alle procedures tegen het licht worden gehouden. Edgeman signaleert dat justitiële processen nu oneerlijk en onevenwichtig toegepast worden. ‘Increasing procedural justice’ betekent dat er gewerkt moet worden naar een uniforme perceptie van gelijkwaardige behandeling.

Ten derde pleit hij voor een interactieve justitiële aanpak. De foute routines die in het politieoptreden zijn ingeslopen moeten benoemd worden en gecorrigeerd. Het einddoel van ‘Increasing interactional justice’ klinkt nu nog als een mooi ideaal: burgers worden gelijkwaardig behandeld met respect. Edgeman: “Hun perspectieven worden met nederigheid in acht genomen.” 

Wanneer deze drie beleidslijnen succesvol ingezet worden, zou Edgeman willen spreken van een ‘Sociaal Contract’, “dat duurzaam, inclusief en circulair is, omdat het respect van de politie voor burgers uiteindelijk ook leidt van respect van burgers voor de politie. Voor hun rol in het verdedigen van vrijheid, voor het beschermen van rechten en het beschermen van burgers en hun eigendommen.” 

Edgeman licht toe: “Een praktijk waarbij de politie bij arriveren eerst de aard van een situatie probeert te begrijpen. Is de oorzaak van geweld misschien verlies van werk, de dood van een geliefde? Een politieagent probeert daarop de-escalerend op te treden, zodat burgers ook zijn rol begrijpen en respecteren.”

Over politieagenten die over de schreef gaan, is de hoogleraar duidelijk. “Die moeten door de lokale overheid verwijderd worden. Tegelijkertijd moeten professionals helpen om onrealistische verwachtingen ten aanzien van wat een politieagent kan doen bij te stellen. Een forum om een dialoog tussen gemeenschappen en de politie te starten kan daarbij helpen. Regelmatige evaluatie van de praktijk ook.”

En dat zou een einde maken ‘aan vierhonderd jaar, 8 minuten en 46 seconden’ van racisme. Het tijdstip is gemeten aan de gewelddadige dood van George Floyd, de man met de beroemdste laatste woorden van deze tijd: ‘I can’t breathe’.

Inschrijven voor digitale conferentie NBM2020, 1 & 2 juli 2020.