09 Feb 2020

800.000.000 ton grondstoffen in 1 circulaire week

De tellers die op internet staan razen maar door. Ook het aantal tonnen grondstoffen die worden gedolven. In de afgelopen week, die in het teken stond van de circulaire economie, eindigde de teller rond de 800.000.000 ton aan gedolven reserves. Het gaat dus om meer dan 100.000.000 ton per dag. Ook de ‘kritische’ grondstoffen, die snel op zullen zijn.

IJzererts, fossiele energie en andere mineralen. Ze vallen onder de verzamelterm grondstoffen die in de natuur voorkomen. Het totaal aan gedolven materialen zal dit jaar in de 61,1 miljard ton eindigen. En daar is alle biomassa (bomen, groenten, vis) nog niet bij inbegrepen. Het zijn zulke grote getallen dat je je er weinig bij kunt voorstellen.

De website ‘The World Counts’ maakt de cijfers iets tastbaarder door ze te terug te rekenen naar individuele mensen. Een pasgeboren baby zal in zijn of haar leven 1630 kilo aluminium nodig hebben, 340 kilo zink, 680 kilo koper, 360 kilo lood, 14.800 kilo ijzer en 560 duizend kilo steen, zand en cement. 

Het is dus beslist nog niet zo dat er steeds minder metalen worden gedolven. Er wordt zelfs een verhoging van 250 procent verwacht, gerekend vanaf 2020 tot 2030.  Sinds het verschijnen van het rapport van Club van Rome, waarin voor het eerst werd gewaarschuwd dat er grenzen aan de groei zitten, gaat ook het winnen van de meest ‘kritische voorraden’ gewoon door. 

Opmerkelijk is dat op de podia van de circulaire economie weinig aandacht wordt besteed aan de lijst van zogenaamde ‘kritische ruwe grondstoffen’ zoals die door de EU is opgesteld. De lijst bestaat uit 78 stoffen waarvan er maar enkele bekend zijn voor niet-chemici. Je moet ook wat van chemie weten om de stoffen en hun nut voor de mens te kunnen doorgronden. Natuurlijk rubber staat bijvoorbeeld op deze lijst, maar ook ‘coking coal’, een van de meest zuivere vormen van kolen, die gebruikt wordt in de staalproductie. Kobalt (zie foto)  is bekend door activisten die strijden voor mensenrechten, omdat het bij het delven van deze grondstoffen zo vaak fout gaat in Afrika (DRC). In Europa zijn in Finland echter ook vindplaatsen van dit zeldzame metaal. 

Van alle, voor Europa kritische grondstoffen, zijn er nog maar drie chemische elementen die al voor 50 procent of meer in circulaire economie zijn opgenomen, waaronder het chemische element AG. Dat is beter bekend als zilver. CU, oftewel koper, wordt ook in vele landen gerecycled, ook in Nederland. En dat geldt ook voor lood, oftewel PB. Goud (AU) wordt minder teruggewonnen, want kent volgens onderzoekers maar een recyclingpercentage van 20 procent. De lijst van 78 ‘kritische grondstoffen’ wordt net als goud hooguit voor 24 procent hergebruikt, zoals ijzer.

Er wordt al met al nog weinig gebruik gemaakt van de kansen die de circulaire economie biedt, stelde ook het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) deze week in het rapport ‘Op weg naar een robuuste monitoring van de circulaire economie’. Het PBL probeert zo het kabinetsdoel te monitoren om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben, waar alle grondstoffen een tweede leven hebben.

Ook dit rapport biedt een overzicht van de landen waar ‘kritieke materialen’ worden gedolven. Kritisch wil hier zeggen dat er sprake is ven een leveringsrisico in combinatie met een groot economisch belang. Overduidelijk zijn de meeste grondstoffen van zulke grondstoffen in China te vinden. Het ‘America First’ van president Trump levert de wereld alleen Beryllium en Helium. Ook Europa is niet al te rijk: Frankrijk levert 43 procent Hafnium aan de wereld. Alle andere mijnen zijn relatief klein. De maakindustrie is vooral zenuwachtig over de aanvoer van aardmetalen als kobalt, wolfraam, tantaal, tin en indium, die nodig voor de productie van machines, transportmiddelen en elektronica. De energietransitie vraagt aan bijzondere aardmetalen metalen (zoals neodymium, terbium, dysprosium en praseodymiu), maar ook zulverm kobalt en iridium. Ze worden verwerkt in zonnepanelen, groene waterstof batterijen en elektrische auto’s. De waterstofeconomie bijvoorbeeld kan niet groot worden zonder iridium, maar dat wordt slechts kleinschalig gedolven. De vraag is nu al groter dan het aanbod.

Er zit dus niets anders op dan deze zeldzame stoffen zo te verwerken, dat ze na gebruik weer terug te winnen zijn. Op dit moment geldt voor 2030 al een halveringsdoelstelling voor het ‘primaire abiotische’ grondstoffengebruik in Nederland. Probleem voor beleidsmakers hierbij is het inzicht in de stromen grondstoffen en materialen. Er zijn soms niet meer dan inschattingen van experts. Het PBL pleit dan ook voor het ontwikkelen van een grondstoffeninformatiesysteem (GRIS). 

Accountants hebben ook hun eigen manieren om de leveringszekerheid van grondstoffen uit te drukken. Zo is er een definitie over de mater waarin een materiaal te recylen is. Ook is er een index die voor elk tyoe grondsrofmarkt aangeeft waar de toeleveranciers zijn geconcentreerd. Er is een manier om de mate van prijsstijgingen te volgen. En er bestaat een lijst met ‘conflictmaterialen’, waarbij de delving gevaren oplevert voor mens en milieu.

Voor een land als Nederland, dat vooroploopt in de recyclingindustrie in Europa, is het cruciaal ook op het terrein van de circulaire economie in de kopgroep te zitten. Volgens het PBL biedt ook dit weer groeikansen: ‘Als grondstoffenbesparende innovaties vooroplopen op de relevante (wereld) markten, ontstaat een verbeterd en soms een nieuw verdienmodel. De zo verbeterde concurrentiepositie kan op haar beurt leiden tot groei van de productie en werkgelegenheid in de betreffende sector.”

Download rapport PBL ‘Op weg naar een robuuste monitoring van de circulaire economie.’