02 Jun 2020

Karen Brouwer over de wereld op z’n kop

Karen Brouwer

Ook de columnisten in P+ geven hun visie op ‘een andere wereld’ na de coronacrisis. Interessant is de bijdrage van hoogleraar Karen Maas die de effecten meetbaar kan maken, oftewel kan aangeven of er bijvoorbeeld blijvende positieve impact in ons gedrag is, ons consumptiegedrag, ons sociaal bewustzijn. 

Anneke Sipkens, die per 1 juni afscheid heeft genomen als directeur van DOEN, breekt een lans voor een ander landschapsbeleid, herstel van natuurwaarden op een wijze die ook boeren voordeel oplevert. 

Marleen Janssen Groesbeek stelt dat de economische groei ons in deze situatie heeft gebracht: aan de grenzen van de groei: ‘tijd om die grenzen te respecteren’. Marleen maakt zich boos over mensen die de schouders ophaalden over de ouderen die COVID-19 niet overleefden.  ‘De neiging om het inkomen van de een boven het leven van de ander te stellen, is absurd’.

Systemen veranderen? Hoe dan? Hoofdredacteur Jan Bom beveelt in zijn column de techniek van ‘backcasting’ aan. Daarbij wordt eerst een ideaal wereldbeeld geformuleerd en daarna teruggewerkt naar het heden. Het is een techniek die nu zoveel mogelijk ondernemers onder de knie moeten krijgen.

Directeur Karen Brouwer van Mondiaal FNV richt haar aandacht op waardeketens, de sociale dialoog die tot een idyllische toekomst voor ons allemaal kan leiden. Haar column heet dan ook: ‘Op een onbewoond eiland’. Hierbij haar mooie bijdrage.

Ja, geef maar toe, dat deuntje zit ook bij u meteen in het hoofd. ‘Op een onbewoond eiland loopt niemand voor je neus. Ja, je voelt je d’r blij want lekker leven is de leus. Geen pietsie pech want je hoeft er niets, valt er niet van je fiets, ligt op je luie haidewiets.’ Toen ik hoorde dat het thema van dit nummer van P+  ‘een andere wereld’ was, moest ik meteen aan dit liedje denken. Want wát als internationaal ondernemen anders kon zijn; iedereen mooie spullen, lekker eten, een mooi huis, gezondheid, terwijl je op de luie haidewiets ligt. 

De COVID-19 crisis legt de zwakheden en ongelijkheid van ons huidige economische model pijnlijk bloot. Lekker leven is niet voor iedereen weggelegd, dat wisten we al. We hebben met z’n allen legio afspraken gemaakt, convenanten afgesloten, doelen gesteld en beloftes gedaan om ervoor te zorgen dat ons welvaren een klein beetje doorsijpelt naar andere ‘eilanden’, naar de mensen die de producten maken waar we er hier van genieten. Dat lukt hier en daar zeker. Maar door de COVID-crisis weten we ook weer dat zodra er tegenslag is, veel bedrijven die zorg niet meer op zich willen of kunnen nemen. Met alle gevolgen van dien: miljoenen mensen zonder werk. Meteen zonder inkomen, geen eten, geen dak, want er is geen sociaal vangnet of een overheid die geld uitkeert.

En dus moet het anders. De wereld moet op z’n kop. Maar wie denkt: het systeem moet anders, die heeft het wat mij betreft mis. Het gaat niet om het systeem, het gaat ook niet om ‘de grote bedrijven’ die verkeerde beslissingen nemen of om ‘de consument’ die voor het goedkoopste gaat. Want het ‘systeem’ of ‘de grote bedrijven’ en ‘de consument’, dat zijn wijzelf. Dat bent u en dat ben ik. Alleen wij kunnen andere beslissingen nemen en als directeur-over-ons-eigen-leven besluiten om niet te gaan voor maximale winst, maar voor duurzaamheid. Of als inkoper besluiten om niet te zoeken naar een nog goedkopere producent en hem een wurgcontract aanbieden. Als consument niet dat goedkoopste blik tomaten willen kopen.

In een andere wereld betekent ondernemen dat iederéén baat heeft bij je bedrijf. Dat iedereen melk uit de kokosnoot drinkt. En dat er niet stiekem ergens onderaan de waardeketen een grote groep mensen bungelt die de kokosnoten plukt maar de melk zelf nog nooit heeft kunnen drinken.

In een andere wereld zoek je als ondernemer samen met je werknemers en hun vakbonden naar mogelijkheden om de pijn te verdelen in geval van een crisis zoals deze. Samen betrek je ook de overheid daarbij. Dat kan, zelfs in coronatijd. Voorbeelden zijn er al: bekende kledingmerken spraken met de internationale vakbond af om gezondheid, werk en inkomen van kledingwerknemers te beschermen. In Zuid-Azië worden vakbonden nu erkend als cruciale partners als het om humanitaire hulp gaat doordat ze via hun fijnmazige netwerk mensen kunnen bereiken. In Peru zien we dat in bedrijven waar we de afgelopen jaren goed overleg hebben opgebouwd tussen werknemers en werkgevers, er nu ook makkelijker afspraken worden gemaakt over bijvoorbeeld kortere uren, werken op afstand, veilig werken, betaald verlof en mobiliteitsvoorzieningen.  

Kortom, als er iets positiefs uit de coronacrisis mag komen, laat het dan zijn dat we anders naar de waardeketens gaan kijken: dat ze van waarde moeten zijn voor iedereen. Als je dat niet kunt garanderen als ondernemer, dan moet je bedrijf ‘op z’n kop’. Werknemers kunnen daarin voor verrassende ideeën zorgen. Betrek ze, en hun vakbonden. En voor je het weet drinkt iedereen melk uit een kokosnoot. 

Abonneren op P+ People Planet Profit