19 Feb 2020

Opmars groene indexfondsen Vanguard en iShares

Appels

De groene indexfondsen van Vanguard en iShare zijn aan een forse opmars bezig. Het voor beleggers goedkope Vanguard kreeg een hogere waardering van het ratingbureau Morningstar. De koers van het duurzame iShares-fonds schiet omhoog, ook na de naamswijziging die duidelijk maakt dat er steeds minder in fossiele bedrijven wordt geïnvesteerd. Beleggen in indexfondsen is te vergelijken met het beleggen in de oogst van vele boomgaarden, in plaats van in een enkele fruitteler. Een misoogst is dan zo erg niet meer.

In de waardering van Morningstar staat het Nederlandse ASN Duurzaam Aandelenfonds (ISIN: NL0000441301) nog steeds wereldwijd op de eerste plaats als het om duurzaam beleggen gaat- samen met het Triodos Impact Mixed Fund-Neutral. Na het jubeljaar 2019 behaalde het fonds van de ASN Bank ook over dit jaar alweer een rendement van 4,98 procent (peildatum 18 februari, dus in anderhalve maand tijd). Het is ook in internationaal opzicht een groot fonds, met een inleg van 924,12 miljoen euro. Dat is niet slecht voor een in Nederland gevestigde bank, maar het fonds bestaat dan ook al tientallen jaren. Het is nog steeds de meest vooruitstrevende mogelijkheid voor particulieren die CO2-neutraal willen beleggen. Volgens Ecofys veroorzaakt beleggen in dit fonds 65 procent minder CO2-uitstoot dan bij een gemiddeld fonds. De kosten voor beheer bedragen 0,85 procent.

Het zijn deze lopende kosten waar Amerikaanse beleggingsgrootmachten als BlackRock en Vanguard sterk op zijn gaan concurreren, met hun zogenaamde indexfondsen. Deze vorm van ‘passief beleggen’ wil zeggen dat duurbetaalde beleggingsdeskundigen worden omgeruild voor een ‘gigamandje’ met beleggingen waar de complete beleggingsmarkt in zit. De kans op hoge pieken wordt daarmee afgevlakt, maar de kans op diepe duikelingen ook. Slecht resultaat van bedrijven wordt eerder opgevangen door andere bedrijven die wel mooie aandelenkoersen boeken. 

Vanguard vraagt beleggers slechts 0,35 procent aan vergoeding voor het Vanguard SRI Global Stock Fund Institutional Plus  (ISIN: IE00BFPM9S65) voor de ‘lopende kosten’. De fondsbeheerder houdt rekening met zaken die in strijd zijn met het Global Compact Initiative van de VN. Daardoor worden bedrijven uitgesloten die mensenrechten en arbeidsrechten schenden, het milieu schade toedoen of betrokken zijn bij corruptie. Dat geldt ook voor bedrijven die controversiële wapens produceren of in de tabaksindustrie zitten. Voorbeelden van uitgesloten bedrijven zijn: HSBC, Johnson & Johnson en United Technologies. Dit indexfonds bestaat pas sinds 2016, maar is toch al 950,60 miljoen dollar groot. Morningstar geeft een ‘Silver’ rating en vier van de vijf sterren voor een goed rendement over de jaren heen. De opwaardering van ‘brons’ naar ‘zilver’ dateert van mei 2019.

De nieuwe indexfondsen verduurzamen steeds verder. De beleggingsgrootmacht op deze wereld, BlackRock, is ook eigenaar van een enorme reeks aan indexfondsen onder de naam Ishares. Pas eind 2017 begonnen, staat er nu al 1071,29 miljoen dollar aan beleggingskapitaal op de lat van het indexfonds iShares MSCI World SRI UCITS ETF. Naast duurzame motieven, spelen ook hier lage kosten (0,20 procent aan lopende kosten) en het lage risico een rol. Morningstar rangschikt dit fonds op de derde plaats duurzaamheid wereldwijd, in een vergelijking met 1000 andere fondsen. Sinds 1 januari staat deze iShares index al op een rendement van 7,53 procent. Over 2019 werd een rendement geboekt van 30,03 procent..

Op 27 november 2019 wijzigde de koers van deze duurzame index (Isin: IE00BDZZTM54) waarbij officieel aan de naam werd toegevoegd: ‘Select Reduced Fossil Fuel’ Index. Sindsdien worden bedrijven gefilterd die betrokken zijn bij de sectoren ‘ketelkool’, oliezanden, olie en gas, energieopwekking en ketelkool- en oliezandreserves. Dit leidt in het beleggingsfonds tot een ‘MSCI Gewogen Gemiddelde Koolstofintensiteit (CO2 ton / miljoen omzet) van 64,80 procent. Ook wie zeker wil zijn niet in omstreden zaken te beleggen zit goed in dit fonds. iShares meldt op de website dat er 0 procent bedrijven in dit fonds zitten die clustermunitie, kernwapens, landmijnen, verarmde uraniumwapens, biologische of chemische wapens, of fabrikanten die vuurwapens en munitie voor civiele markten produceren. Tabaksproducenten of ondernemingen die de VN Global Compact schenden komen er ook niet in.

Dit aangescherpte fossiele uitsluitingsbeleid doet het indexfonds geen kwaad. Het koersverloop doet zelfs denken aan de hockeystick die Al Gore toonde, om de steile stijging van de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer duidelijk te maken. 

De drie genoemde fondsen zijn bij Nederlandse banken verkrijgbaar in het aanbod ‘Zelf Beleggen’. 

Kritiek op de groene indexfondsen is er overigens ook. Systeemdenker Martijn Veening van EntropoMetrics waarschuwt: "Er is an sich natuurlijk niets mis mee, dat er meer geld naar groene beleggingsfondsen gaat. Maar laat je niet voor de gek houden door de indexfondsen, met name die van partijen als BlackRock en Vanguard. De wereldwijde trend van actief naar passief beleggen is eigenlijk een ontkoppeling van de financiële markten met de echte economie. Er zit geen intrinsieke motivatie achter, alleen een technische, die strikt op korte termijn winst is gericht. Dat spelletje werkt totdat het is verzadigd, daarna kan de waarde zomaar vervliegen. De marges op deze indexfondsen worden ook voor deze marktleiders al zo laag, dat ze allerlei 'perifere' sectoren betreden zoals 'groen', om nieuwe groeibubbels te faciliteren. Ook weer: er is geen inhoudelijk commitment, alleen zolang het duurt. Kapitaal-allocatie krijgt (vanwege indexbeleggen) een steeds schevere verdeling: concentreert zich op de topbedrijven (die komen in zo'n indexfonds). Fondsen die niet in zo'n mandje zitten lopen automatisch miljoenen mis, en price-discovery wordt extreem vervuild. Groene fondsen moeten het juist hebben van 'value-investing' en staan dus loodrecht op indexbeleggen."

P+ toont ieder jaar de resultaten van 10 duurzame beleggingsfondsen. Hier de prachtige resultaten over 2019.