10 Jan 2020

Startups die grootbedrijf paaien meest succesvol

De meest succesvolle circulaire startups organiseren een ‘omgeving’ waarin grote bedrijven een rol hebben, naast ngo’s en politieke lobbyorganisaties. Dit concluderen innovatiewetenschappers Julian Kirchherr, Thomas Bauwens en Marko Hekkert van de Universiteit Utrecht in een whitepaper, waarin ze de businesscase van 147 startende circulaire ondernemingen ontleden. Ze werkten hiervoor samen met ING, Circle Economy en de Amsterdam Economic Board. P+ mag deze paper als eerste publiceren als gratis download.

Marko Hekkert, directeur van het Copernicus Instituut voor Duurzame Ontwikkeling, stelt: “Om circulaire startups voorlopers te maken in de transitie naar een circulaire economie is het is essentieel om een omgeving te creëren waarin ze daar de ruimte voor hebben.” 

Ter toelichting zegt dr. Thomas Bauwens, eerste auteur van deze paper en postdoc onderzoeker aan hetzelfde instituut: “Met omgeving bedoelen we het ruimere begrip environment. Het gaat om het organiseren van samenwerking, het creëren van een paraplu waar de circulaire praktijk onder hangt. Daar passen ook grotere spelers dan de startup zelf onder; bedrijven, maar ook ngo’s en politieke lobbyorganisaties. Op deze manier kan een klein bedrijf toch schaalgrootte bereiken en impact maken. Gevestigde bedrijven kunnen een eerste handreiking doen om te helpen, bijvoorbeeld door circulaire startups toegang te geven tot hun netwerk, door op te treden als afnemers of door productiecapaciteit te leveren", aldus Bauwens.

Volgens de onderzoekers kan de invloed van circulaire startups met een ondersteunende omgeving zoveel impact hebben, dat de samenwerkende partijen zelfs kunnen aanzetten tot veranderingen in het landelijke fiscale beleid. 

In het onderzoek kwamen tal van bedrijven en organisaties bovendrijven, die ondanks hun geringe omvang en middelen toch invloedrijk wisten te worden. Bauwens: “We zagen deze circulaire startups vooral in de foodsector en in de duurzame bouw.”

Natuurlijk is er het bekende voorbeeld van Kromkommer, die een concept en een trend neerzette dat onder door Albert Heijn (‘Buitenbeentjes’) en Lidl werd geadopteerd. Maar ook onderzocht de Universiteit Utrecht ‘Potverdorie’. Bijzonder is dat deze startup Albert Heijn aansprak op een moment dat de reputatie van het bedrijf schade opliep. ‘Potverdorie’ kwam in 2018 in contact met ‘boer Kees uit Wemeldinge’, een Zeeuwse producent van pruimen, die door Nederlandse supermarkten een afwijzing had gekregen omdat zijn fruit in deze droge zomer 3 millimeter te klein was gebleven. Het ging om 60 duizend kilo. Albert Heijn verkocht echter wel pruimen uit Chili, die aanzienlijk kleiner waren. Via social media attendeerde Potverdorie! het publiek op dit verhaal om zo de schijnwerper te zetten op de verantwoordelijkheid van supermarkten in het voorkomen van voedselverspilling. Albert Heijn werd daarop geconfronteerd met kritische reacties van consumenten. Na contact opgenomen te hebben met ‘Potverdorie’ liet de startup samen met de teler fruitspread van de pruimen maken, in totaal 36 duizend potten bij elkaar. Die vervolgens door AH in de schappen van de XL-winkels werden verkocht, naast soepen van de Verspillingsfabriek van cateraar Bob Hutten. Deze aanpak loste niet alleen dit probleem van voedselverspilling op, maar bood ook ‘Potverdorie’ een kans om het eigen bedrijf aan de consument te presenteren.

In de bouw- en constructie troffen de onderzoekers Niaga, een startup die een ‘omkeerbare lijm’ ontwikkelde, die het mogelijk maakt producten na gebruik weer los van elkaar te maken Na een joint venture met DSM ging Niaga verder door een 100 procent recyclebaar tapijt te produceren. Deze samenwerking werd uitgebreid door samenwerking met de Amerikaanse firma Mohawk, de op een na grootste tapijtproducent in de States.

Op de website van P+ signaleerden we eind vorig jaar het succes van de sociale onderneming i-Did, die van tot vilt gerecylde wol nu producten voor IKEA maakt. Ook dit is een voorbeeld van een startup die meelift op het succes van een groot concern. Op de foto een situatie die deze samenwerking mooi symboliseert: een grote bank van IKEA met daarop een klein kussentje van i-Did.

De transitie naar een circulaire economie is een veelbelovende ontwikkeling voor een duurzame economie, stellen de opstellers van dit whitepaper. Maar daar hoort wel een kanttekening bij. “Hoewel Nederland met 80 procent afvalrecycling vooroploopt in hergebruik van materialen, gaat het voornamelijk nog om ‘downcycling’, en niet om ‘upcycling’. Dit resulteert erin dat een materiaal minder waard is dan voorheen. Ook wordt er nog weinig aandacht besteed aan preventie, hergebruik en reparaties.” 

In het whitepaper zetten de onderzoekers de businessmodellen van 147 Nederlandse startups op een rij en vergelijken deze met die van grote, gevestigde bedrijven die bijdragen aan de circulaire economie. Ze zagen dat juist de nieuwe ondernemingen ambitieuzere circulaire strategieën ontwikkelden. “Circulaire startups kunnen met hun circulaire innovaties en baanbrekende businessmodellen het voortouw nemen naar de volgende stap in circulariteit”, zegt Julian Kirchherr, hoofdonderzoeker van het project dan ook.

Circulaire startups staan echter ook voor ‘uitdagingen’. “Het kan voor een startende onderneming met weinig kapitaal en schaalvoordelen moeilijk zijn om een markt te betreden die al bezet is door de grote spelers”, besluit dr. Thomas Bauwens. “Circulaire startups en gevestigde bedrijven doen er daarom verstandig aan om tijd te steken in samenwerkingen om deze uitdagingen aan te gaan.”

Webtip: Download van de whitepaper  ‘Disruptors: ‘How Circular Start-ups Can Accelerate the Circular Economy Transition’. Met voorstellen aan beleidsmakers en ondernemers.